De VIK als partner van Ex-change: "Vlaams uitzendplatform voor experts vzw"

Bezoek de website
Getuigenis Dirk Vervacke
haalbaarheidsstudie voor investering electronisch sorteersysteem voor koffiebonen
- geen voorbereiding bij aankomst
- eerste stap, foutenanalyse op koffiebonen
- procesanalyse, kwaliteitsanalyse
- resultaat: kostenanalyse, haalbaarheid, kwaliteitsanalyse, dossier voor financiering
procesverbetering pastabereiding, broodverwerking, inmaken van groenten
- pastabereiding
- procesanalyse, tijdstudie
- ventilatorberekening
- visualisatie van luchtstroming, aanpassing stroming voor verhoging droogefficiëntie
- dosering van éénheidsverpakking
- broodverwerking
- aanpassing zakjes voor verpakking
- tijdsstudie en optimalisatie van de doorstroming
- verpakking vacuum
- gebruikershandleiding voor machine
- kwaliteitsverbetering van het eindproduct
moeilijke feedback nadien, moeilijke communicatie (niet telefonisch bereikbaar)
- expert wordt gevraagd tot een jaar nadien het project op te volgen
Getuigenis van Roland Mebis in Malawi
Dag 1
Dee start van de reis naar een totaal onbekend land. Zenuwen zijn tot het uiterste gespannen. Na het klassieke inchecken zonder problemen en zonder moeilijkheden met mijn zware valies (24Kg) is het nog wachten vooraleer we op het vliegtuig worden toegelaten. Dat we naar Afrika gaan is duidelijk als ik rond me kijk; veel negers, hier en daar een chinees (of is het een Japanner), maar al bij al weinig volk. Ook de luchtvaartmaatschappij, Ethiopean Airlines geeft duidelijk aan dat we niet in Europa blijven.Plots denk ik eraan dat ik mijn eerste kininetablet had moeten innemen, maar deze zit in de valies; wachten dus tot morgen.
En dan eindelijk instappen. De hoofdhostess staat ons op te wachten in nationale klederdracht: prachtig!
Ik heb twee stoelen voor mij alleen. Met de gedachte dat het een nachtvlucht wordt verheug ik me erop dat ik goed zal slapen/Langs mij zitten Hollanders met een jongen van Ethiopische origine – zo te zien Ik schat hem twaalf jaar. Na een tussenlanding in Parijs van zeker twee uur, waar veel volk opstapt stijgen we op. Ik vraag me af wat al die mensen eigenlijk allemaal gaan doen in Afrika. Intussen is het elf uur en heb een verschrikkelijke honger. Had ik toch maar meer taart gegeten deze namiddag...
Eindelijk komt de eetkar met de vraag chicken or fish. Veiligheidshalve toch maar chicken genomen. We krijgen de keuze uit witte of rode wijn. Na een lekker voorgerecht van garnalen, de kip en een cake als dessert kunnen we uiteindelijk met de nacht beginnen. Een half uur nadat het licht was gedoofd galmde de metalen stem van de piloot door de luidsprekers dat we de riemen moesten vastmaken wegens turbulenties En of dat er turbulenties waren! Gratis bijna de hele nacht werden we hierop getracteerd.
Dag 2
Moe maar toch gespannen uitkijkend naar de volgende fase landden we in Addis Abeba om zes uur s’morgens. Een luchthaven, model Charleroi waar een vijftal vliegtiugen op de tarmac stonden. Allemaal van Ethiopean Airways. Na drie uur wachten en na een enorm zware controle was de tweede vlucht naar Lusaka, maar met een stop in Lilongwe, gestart.
Prettige mensen heb ik ontmoet: een supervriendelijk zuster van Indie die op een missie werkte in Zambia en een vader met zijn vijfjarig meisje dat maar tegen mij babbelde in het Zambiaans of iets dergelijks (en de vader en ik maar lachen met haar guitige streken en haar pijpenhaar)
Een bomvol vliegtuig met hoop en al een tiental blanken en twee chinezen zijn we na een vlucht van drie en een half uur geland op onze eindbestemming.
Langs mij zat een Hollander. Na wat gepraat bleek dit Dick Wittenberg te zijn; éen van de beste journalisten van NRC Handelsblad. Hij is gespecialiseerd in Afrika en schrijft artikels over de hongersnoden, de oorlogen enz.. Volgens hem zijn er hiervan ook overnames gebeurd door de Standaard en heeft hij in 20002 de Belgische journalistenprijs gewonnen. Door de extreme armoede was hij zo gepakt dat hij een hulpfonds opgericht heeft om de mensen in een streek van Malawi te helpen bij de opzet van landbouwirrigaties (volgens hem is er nog steeds hongersnood). We hebben afgesproken om samen in contact te blijven
Hoop en al een vijftigtal stapten er maar uit in Malawi. Raar maar waar, opvallend veel politie, en douane. Iedereen moest zijn koffer openen! Slechts één vliegtuig op de tarmac: de onze.
Ik werd opgewacht door de directeur van de melkerij in kostuum en met das; zoals het een directeur past. Zijn secretaresse, een droefkijkend meisje moest mijn bagagekar duwen tot aan zijn auto, een oude Toyota met scheuren in de voorruit.
Langs een drukke weg met veel vrachtwagens en auto’s (ook Mercedessen)en veel voetvolk langs de stoffige wegen kwamen we aan een een heel chieke lodge; volledig ommuurd en met een metalen poort. Op het getoeter van mijnheer de directeur (ik mag hem nu aanspreken met “Stephen”) opende op een snel tempo een neger de poort en reden we het rijk der hemelen in. Ik was zo moe dat ik in een zalig groot bad in slaap was gevallen.
's Avonds heb ik maar de duurste menu genomen een tournedos voor – omgerekend –vijf euro samen met een lekker biertje van een Euro. Het smaakte alhoewel ik vond dat ze voor mij toch maar de oudste koe van Malawi hadden geslacht. Gelukkig heb ik nog goede tanden. Even nog naar huis sms gestuurd en gaan slapen. Eind dag twee; ik heb slaap en morgen terug op om kwart na zes!
Dag 3
Ik ben maar om zes opgestaan. Men komt me om 7u30 oppikken en te laat zijn is geen optie. Eigenlijk was mijn vrees voor iets dat ging mislopen ongegrond. Om exact 6u30 werd op mijn deur geklopt met de mededeling dat de scrambled eggs with bacon ready waren. En om exact 7,30 reed Stephen de poort binnen.
De melkerij
In tegenstelling dan wat ik had gehoord is de melkerij, zowel het gebouw als het machinepark 30 jaar oud. In deze landen is verf waarschijnlijk superduur. Hedendaagse productie per dag 2.800 liter in plaats van de voorziene capaciteit van 30.000 liter. Aantal medewerkers ter plaatse 60.
Na de eerste kennismaking met heel veel mensen (en ook met de secretaresse van Stephen die nu toch kon lachen) werd de plant bezocht. Ik wist niet dat het mogelijk was dat zulke aftandse toestellen nog konden draaien. Eigenlijk de spaarzaamheid ten top. Ook viel de dressingcode op. Zowel Stephen als de supervriendelijke productiemanager Andrew dragen een wit hemd met lange mouwen en met das en vest. De chef technieker Adlian (hij is baas overe één andere technieker ook supervriendelijk) draagt een hemd met korte mouwen en geen das.
Bij de eerste rondgang viel me op, buiten de aftandse machines, dat in het tamelijk groot onderdelen magazijn slechts enkele stukken aanwezig waren en de rest van de rekken versierd waren met spinnekoppen. Door gebrek aan geld zo zei Adlian, koopt men sinds twee jaar geen onderdelen meer.
Adlian (een jonge dertiger) vertelt me dat hij nu twee jaar hier werkt en dat hij vier jaar technische school heeft gevolgd in de UK (achteraf moet ik toegeven; hij is zeer clever!)
Mijn taak was om uit te maken wat men moet doen om de huidige productie te waarborgen en wat er moet gebeuren om de productie te kunnen verhogen. Na de eerste rondgang heb ik zelf voorgesteld om ook een studie te maken van de mogelijkheden om energie te sparen. Aan dit laatste had men nog niet gedacht.
Dag vier
Pas opgestaan om twintig na zes. Met een klopje op de deur om kwart voor zeven en met de mededeling “breakfast is served sir“ begon ik dag met lekkere confituur, lekker fruit (bananen en appelsienen) en de lekkere fruitsappen gemaakt van perziken en appelsien. Ook op de koffie valt niet te reclameren, echt goed. Hier heeft men blijkbaar de gewoonte dat de gasten zelf naar de keuken gaan als ze iets wensen. Een erg vriendelijke kok in wit ornaat en opvallend witte tanden waarvan de voorste snijtand evenwel het begeven had, helpt je verder.
Aan tafel zat ook een blanke grote man; ik schat hem in de vijftig. In het gesprek bleek dat hij een Noor was en reeds een half jaar hier logeert. Hij doet ontwikkelingshulp voor een artsenorganisatie uit Noorwegen en is hier directeur van een oogkliniek. Volgende week zou hij terug naar huis gaan.
Om half acht stipt hoor ik een claxon, en zie de metalen poort openvliegen. Stephen is weer stipt op tijd. Vanddag heeft hij een andere das aan Tijdens de rit verneem ik dat hij in feite ook gepensioneerd is maar toch gaat werken. Hij vertelt me dat hij acht kinderen heeft waarvan vijf getrouwd en dat hij, na wat getel op zijn vingers, tien kleinkinderen heeft. Op zijn beurt vraagt hij me honderd uit over Belgie. Toen ik hem vertelde dat ons land vier keer kleiner is dan Malawi kon hij dit amper geloven. Hij dacht altijd, zo zij hij, dat Belgie een van de grootste landen was van Europa. Zou dat zijn omdat ik dan zo goed ben overgekomen?
Kost en inwoon moet de firma betalen Hij vroeg me beleefd of ik geen bier wil drinken wegens te duur. Omdat af een toe een biertje smaakt heb ik hem maar gezegd dat ik al mijn dranken zelf betaal; en gelukkig dat hij was!
Dag vijf
Het werk schiet op Ik heb reeds een verslag van een tiental bladzijden . Ik heb 's avonds niets te doen en tokkelt dan maar tot een uur of acht. De TV betekent niet veel. Er wordt veel gesproken en ik zie veel ministers het uitleggen (eind mei zijn er verkiezingen; de arme mensn kunnen kiezen tussen de huidige president die beschuldigd is van corruptie en een kandidaat president die verdacht wordt van corruptie).
Getelefoneerd naar huis met Skype. De telenet provider is SIAN, gekocht in India, maar ik merk dat het ’s avonds moeilijk is om een verbinding te maken; aan de receptie beweert men dat het komt door overbezetting. Daarentegen is telefoneren met een GSM geen probleem. Wat opvalt is dat iedereen een portatiefje heeft.
Dag zes
Het is vrijdag 1 mei. Gisteren heeft men geen productie kunnen maken; er waren stukken aan de stoomketel; met gevolg dat men vandaag de schade moet inhalen.
Stephen wil mijn eerste drafts inkijken Echter op het bureel waar drie medewerkers op twee oude computers werken blijkt geen printer aanwezig. Om copijen te maken moet men naar de stad. Ik heb Stephen dan maar mijn laptopje uitgeleend. Hij vraagt me klaar tez houden voor maandag ; de grote baas- eigenaar gaat komen en ook iemand van het ministerie van industrie. Ik denk dat ik dan maar best een hemd met lange mouwen ga aandoen.
In de namiddag ga ik naar de stad. Nu ja, de stad allemaal afzonderlijke huisjes, met veel moskeeen, een kerk, en rommelwinkels. Ook naar de markt geweest. Ondanks dat ik vergezeld was door een jonge arbeider van de melkerij voelde ik me niet op mijn gemak. Ik heb ook de enorme tombe kunnen bezoeken van de eerste president dictator Banda.
De president die al de mannen verplichtte om hun haar volledig af te scheren (kwestie om de eenheid en de uniciteit van de Malaweese natie een gezicht te geven). Na zijn overlijden in 1994 werd een democratie ingevoerd met periodieke verkiezingen.
Dag zeven
Ik heb een afspraak met Conrad de zoon van de directeur om samen zuidwaarts te trekken naar het zuiden. Het was ver weg, ongeveer een driehonderd kilometer dat we voor de boeg hadden. Onderweg passerden we veel dorpen; nu ja , helemaal met niets te vergelijken. Allemaal piepkleine huisjes en met hier en daar een markt. Onderweg hebben we in een iets grotere stad kunnen stoppen om wat te drinken. De prijzen van een cola of een fanta was omgerekend zo een twintig cent. Het was een aardige jongen; hij praate honderd uit. Nadien terug huiswaarts en het weekend zat erop.
We volgden ook een stuk weg vlak langs Mozambique; hier en daar zag je uitgebrande huisjes. Zouden dat de restanten geweest zijn van de oorlog die daar heeft gewoed? Bij ons doel, een “national wild life park" werden we opgewacht door een supervriendelijke soldaat die ons de ingangskaarten verkocht; Nog een paar kilometer rijden in het park en we kwamen aan de lodge, onze verblijfplaats voor een nacht.

Hier ontmoetten we vier dokters van “artsen zonder grenzen“ afd Frankrijk. Ze vertelden ons dat ze in het zuiden van Malawi werkzaam waren. Zij zegden dat in hun hulppost er dertien dokters waren en dat ze om de drie weken een weekend vrij waren. Onder hen ook een dame van zeker achteraan de vijtig. Volgens haar zeggen was ze al sinds 2002 hier in dienst en ging ze eens per jaar naar haar dochter in Montpellier. Je moet het maar doen. Ik heb een enorme bewondering voor hen.
Om vier uur was de safaritocht van twee uur geplant. Na nog maar een twintig minuten gereden te hebben sprong de band van de jeep en was het gedaan. Eer men ons was komen oppikken was het weer een uur verder en ging het huiswaarts. Blijkbaar zaten in dit park enkel olifanten, wat giraffen en geiten en geen tijgers want onze gids voelde zich op zijn gemak.
Persoonlijk vond ik het eigenlijk niet zo heel erg; enkel alleen om eens in zo een park te zijn geweest was al een belevenis. Zoals het zien van de prachtige natuur met de dikke Boababboom, een boomhut,lianen en enkele olifanten in de verte en de ontmoeting met deze vriendelijke dokters.
's Anderendaags, na een hartelijk ontbijt in de lodge zonder elektriciteitsvoorziening ging de trip verder noordwaarts, naar Lake Malawi, het tweede grootste meer van Afrika. Als je weet dat midden dit meer een eilandje is en de boot die vanuit het zuiden daar naartoe vaart, vier dagen hiervoor nodig heeft, dan is dat toch wat (volgens Conrad vaart die boot wel zeer langzaam).
En daar kwamen we een superprachtig vakantieverblijf met alles erop en eraan; zelfs een eigen vliegveld was er aangelegd. Ik had er echt spijt van dat ik mijn zwembroek niet bijhad.
Dag acht
Terug aan het werk. Vandaag is een meeting gepland met iemand van het ministerie en de heel grote baas, Napoleon Tsombé. Ik heb mijn beste kleren aangedaan. Echter, voor mij onbekende redenen is er niemand komen opdagen. De tijd om te starten met een verslag was aangebroken. Omdat ik 's avonds toch niets te doen had, werkte ik maar door tot negen uur, zoals ook de week voordien.
Dag negen tien en elf
Niks speciaals; enkel werken en zorgen dat ik niets vergeten heb te noteren.
Dag twaalf
Mijn verslag is praktisch af. Ik ben verbazend goed opgeschoten, daarom maar tegen Stephen gezegd dat het useless is nog te komen in de namiddag. Stephen was er ook niet; hij ging met de machete zijn zelf verbouwde mais oogsten (hij had wel hulp gevraagd). Wat had ik graag eens mee willen gaan helpen (maar ja, tegen zoiets was ik niet vezekerd).
In de namiddag ben ik te voet naar de stad gewandeld en hier wat rondgekuierd. Ondanks het vele volk op straat voelde ik me veilig.
Dag dertien
Mijn laatste volle dag. In de nacht had ik alles van mijn opdracht nog eens in gedachten overlopen en vond dat ik toch nog in een hoofdstuk wat dieper moest ingaan. Op het werk heb ik deze leemte nog kunnen invullen, oef,, juist op het nippertje!
Stephen zag er uit als een wrak. Het harde labeur van het oogsten was hem toch in de kleren gekropen. (Eigenlijk na een zekere tijd begon ik deze man zeer vriendelijk te vinden. Ook naar al de arbeiders toe was hij zeer vriendelijk en zag ik hem regelmatig met velen een praatje slaan)
Uiteraard herkende me iedereen in de melkerij. Het duurde een tijdje eer ik overal was gaan afscheid nemen. Als ik van eenieder die mijn e mail adres heeft gevraagd een bericht ga krijgen gaat het nog druk worden denk ik. In de namiddag heb ik het andere gedeelte van de stad aangedaan om daar, juist op tijd uit te komen op venters met heel veel houtsnijwerk, schilderijtjes en andere kunstige voorwerpen.Na een vlug bezoekje aan de geldautompaat heb ik er nog enkele mooie zaakjes kunnen kopen.
Dag veertien
Zaterdag, de valies staat klaar. Wat heb ik moeten duwen op de valiesdeksel om er alles in te krijgen! Dat groot beeld wat ik gekocht had nam serieus veel plaats in.
Tijdens het ontbijt ontmoette ik een dame van Overpelt (Magda Clercks). Zij was met haar Oostenrijkse echtgenoot op doorreis . Magda vertelde me dat ze sinds haar jeugd reeds naar Malawi kwam in opdracht van de KLJ ; en nu is ze blijven komen om zonneenergiekooktoestellen te promoten aan de landelijke bevolking. Hiervoor heeft ze zelfs de Malaweese taal, het Satchewa geleerd. Magda is nu 65j en vindt dit werk enig. We hebben afgesproken met elkaar in contact te blijven.
De terugtocht van alles samen toch tweeëntwintig uur viel prima mee, zodat we op dag vijftien alles thuis eens konden vertellen.

Erkenningsnummer: DV.O105732
ShareThis




